
Het volledige beeldscherm moet zich bevinden in een gebied 10-20° beneden ooghoogte. Bij deze monitorpositie kunnen de ogen beter accommoderen (Ripple, 1952) convergeren (Krimsky, 1948), en neemt de algehele belasting voor de ogen af (Tyrell and Leibowitz, 1990, Tsubota and Nakamori, 1993). Daarnaast leidt deze monitorpositie tot minder ongemak en klachten aan de nek (Kumar 1994; McKinnon 1994, Marcus 2002), terwijl het niet leidt tot een statische belasting van de nekspieren (Turville et all, 1998). Belangrijk: de productiviteit is tegelijkertijd zo?n 10% hoger (Sommerich et al., 1998).
Wanneer de monitorsteun verstelbaar is terwijl de monitor erop staat, dan geeft dit de gebruiker de mogelijkheid om de monitorhoogte aan te passen aan de activiteiten die hij op dat moment verricht en het maakt het mogelijk om de monitorhoogte op flexibele werkplekken snel aan te passen.
| Toelichting bij de criteria |
|
| Insteltraject | Hoogste en laagste stand, gemeten zonder monitor |
| Instelgemak | Gemak waarmee de hoogte kan worden ingesteld |
| Aantal standen | Aantal verschillende stande |
| Draagkracht | Maximale gewicht waarmee de steun kan worden belast |